Partneralimentatie definitief van twaalf naar vijf jaar

De Eerste Kamer heeft op 21 mei 2019 het wetsvoorstel aangenomen dat de duur van de partneralimentatie moet verkorten. Volgens deze nieuwe wet duurt partneralimentatie dan nog maximaal vijf jaar, in plaats van de huidige twaalf jaar. De wet gaat op 1 januari 2020 van kracht.

Het wetsvoorstel is ingediend met het oog op de gelijkwaardigheid van man en vrouw. Tweede Kamerlid Attje Kuiken (PvdA) zegt hierover: ‘Als je na een huwelijk besluit uit elkaar te gaan, wil je er zeker van zijn dat je allebei zo snel mogelijk weer op eigen benen kunt staan en je eigen leven vorm kunt geven. Dat wordt belemmerd als één een van de twee partners langdurig financieel afhankelijk blijft van de ander. Het zorgt voor spanningen en leidt soms tot schrijnende situaties. En het belemmert ook de emancipatie van vrouwen.’

‘Niet meer van deze tijd’

Haar VVD-collega Foort van Oosten is het daarmee eens: ‘Ik vind het niet meer uit te leggen aan mensen waarom ze nog twaalf jaar alimentatie moeten blijven betalen aan hun ex-partner. Dat is niet meer van deze tijd. Vijf jaar is lang genoeg om weer op eigen benen te kunnen staan.’
In 2013 is ook al door de genoemde partijen geprobeerd de wet aan te passen. De Raad van State stak daar toen een stokje voor. De Raad vond  dat er onvoldoende rekening mee werd gehouden dat sommige vrouwen op het moment van echtscheiding een grote achterstand hebben op de arbeidsmarkt.

Uitzondering voor mensen met kleine kinderen

Mede daarom worden in het nieuwe wetsvoorstel uitzonderingen gemaakt: een huwelijk dat langer dan vijftien jaar duurde en waarbij de partner tegen de AOW-leeftijd aanloopt. Hij of zij heeft dan nog recht op maximaal tien in plaats van vijf jaar alimentatie, omdat een baan vinden moeilijker is.

Ook gelden er andere regels voor huwelijken met kinderen onder de twaalf jaar. De  maximale alimentatieduur blijft dan twaalf jaar en loopt totdat het jongste kind de leeftijd van twaalf jaar heeft bereikt. De gedachte hierachter is dat kinderen na het verloop van die tijd naar de middelbare school gaan, zelfstandiger zijn en minder zorg nodig hebben, waardoor de zorg voor de kinderen makkelijker te combineren is met een baan. In de wet is bovendien een hardheidsclausule voor schrijnende gevallen opgenomen.

Lees de volledige inhoud van het wetsvoorstel.

Verdieping op dit onderwerp

VERDER* houdt zich aan alle Europese regels op het gebied van online privacy. Op onze website worden geen advertenties getoond. VERDER* gebruikt wel cookies en scripts van Google om het gebruik van de website geanonimiseerd te analyseren. Zo kunnen we content op maat aanbieden en de effectiviteit verder verbeteren. Lees hier meer over ons cookie beleid en lees hier ons privacy statement.

Terug naar vorige