Ruzie om de erfenis
Vaker een samenlevingscontract
Mediation steeds vaker ingezet
In meer dan de helft van de conflicten die via een juridisch loket of een gerecht naar een mediator zijn verwezen, hebben de partijen in het conflict met de hulp van een mediator overeenstemming bereikt. Daarnaast zijn de partijen die aan mediation deelnamen ook in hoge mate tevreden over de mediation en de mediator, blijkt uit het onderzoek. Het aandeel van mediation is in vergelijking met andere diensten van het Juridisch Loket en de rechtspraak echter nog klein.
Het onderzoek is eind november 2009 naar de Tweede Kamer gestuurd. Het is uitgevoerd door het Wetenschappelijk Onderzoek- en Documentatiecentrum (WODC) van het ministerie van Justitie en richtte zich op de ontwikkeling (toename) van het aantal verwijzingen naar een mediator bij het Juridisch Loket en de rechtspraak. Daarnaast gaat het onderzoek aan de hand van vragenlijstgegevens in op de resultaten die behaald zijn met de mediations.
In 2005 is door het ministerie van Justitie een landelijke verwijzingsvoorziening naar mediation bij gerechten en juridische loketten opgezet. Ter ondersteuning van deze beleidsmaatregelen heeft het ministerie ook financiële voorzieningen beschikbaar gesteld voor partijen die kiezen voor mediation. Sinds de invoering van deze voorzieningen is het aantal verwijzingen naar een mediator toegenomen. In 2008 werden 2.419 zaken via het Juridisch Loket en 3.708 zaken via de rechtspraak verwezen naar een mediator. Van de via het Juridisch Loket verwezen zaken eindigde 73 % met volledige overeenstemming tussen de partijen en 78 % van de partijen was tevreden tot zeer tevreden over de uitkomst van de mediation. Bij de rechtspraak was dit respectievelijk 52 % van de mediations en 49 % van de partijen.
De minister schrijft in zijn reactie op het onderzoek dat het bevorderen van mediation geen doel op zich is, maar past binnen het streven om burgers hun onderlinge geschillen op een doelmatige en bevredigende wijze oplossen. Toegang tot het recht houdt meer in dan alleen toegang tot de advocaat en de rechter. Het gaat veeleer om toegang tot de oplossing van het probleem. De minister is dan ook positief over de ontwikkeling die mediation doormaakt. Mediation heeft zich een plek verworven binnen het rechtsbestel, maar ook in de samenleving als geheel.
(Bron: www.justitie.nl)
Ouderschapsplan volgens Rouvoet
Ik ben ervan overtuigd dat deze schadelijke gevolgen kunnen afnemen als ouders samen zorgvuldige afspraken maken en beter communiceren over de zorg voor hun kinderen, zoals ik ook in mijn Nota Gezinsbeleid heb beschreven. Het verplichte ouderschapsplan is daarbij een belangrijk instrument.’
Voor welke ouders geldt de nieuwe wet?
‘De wettelijke verplichting geldt voor gehuwde en geregistreerde ouders. Bij ongeregistreerd samenwonen geldt de verplichting alleen als ouders gezamenlijk gezag hebben. Maar ik denk dat het belangrijk is om niet teveel te focussen op de wettelijke verplichting. Alle ouders die uit elkaar gaan, doen er goed aan een ouderschapsplan op te stellen. Zo’n plan maak je ook niet voor een rechter, maar voor je kind. Met duidelijke afspraken over zorg en opvoeding kunnen ouders voorkomen dat er conflicten ontstaan. Dat is heel belangrijk want juist conflicten rond een scheiding kunnen schadelijk zijn voor kinderen.’
De nieuwe wet bepaalt dat kinderen het recht behouden op een gelijkwaardige verzorging en opvoeding door beide ouders. Wat verstaat u onder gelijkwaardig?
‘Gelijkwaardig ouderschap is het uitgangspunt bij de verzorging en opvoeding van kinderen. Dat betekent niet dat ouders de taken zo gelijk mogelijk moeten verdelen, zoals in het geval van co-ouderschap. Het gaat er vooral om dat beide ouders hun verantwoordelijkheid nemen in het belang van het kind. En dat kinderen hun band met allebei de ouders kunnen voortzetten en verder ontwikkelen. Hoe dat in de praktijk wordt geregeld, is maatwerk. Daarbij moet steeds worden gekeken naar wat het beste past bij dat ene kind, zijn of haar ouders en de specifieke situatie.’
Het ouderlijk gezag gaat op grond van de wet ook de plicht van de ouder bevatten om de contacten tussen zijn kind en de andere ouder te bevorderen. Waar moeten we aan denken?
‘Je bent en blijft de ouder van je kind, ook als je relatie stuk loopt. Je moet het contact tussen je kind en de andere ouder niet in de weg staan, maar het juist bevorderen in het belang van het kind. Het is bijvoorbeeld heel belangrijk om je niet negatief uit te laten over de andere ouder waar kinderen bij zijn. Dat is soms moeilijk, maar voor een kind is het ontzettend belangrijk om niet te worden geconfronteerd met ruzie onderling.’
Ouders die wel het juridische ouderschap, maar niet het gezag hebben, hebben naast omgangsrecht, ook omgangsplicht gekregen. Hoe gaat dat in de praktijk, wanneer een ouder bijvoorbeeld geen omgang wil?
‘Iemand die niet wil, laat zich moeilijk dwingen. Er valt altijd wel iets te verzinnen om te zorgen dat er in de praktijk geen omgang is. De verplichting wijst ouders er bij de rechter op dat ze ook na een scheiding ouder blijven. Niet alleen juridisch maar ook praktisch. Met voorlichting proberen wij scheidende ouders duidelijk te maken wat de gevolgen kunnen zijn voor de ontwikkeling van hun kind als zij geen actieve rol spelen in de zorg en opvoeding. Ik wil ook mediators, juristen en andere professionals die bij scheidingen betrokken zijn, oproepen om ouders op hun verantwoordelijkheden te wijzen.’
Ouders die gaan scheiden, worden nu verplicht om aan het verzoekschrift tot echtscheiding een ouderschapsplan te hechten, met daarin afspraken over de verdeling van de zorg, de kosten van de kinderen, het verblijf, informatie over de kinderen en dergelijke. Maar als dat mislukt, kan worden volstaan met overleggen ‘van andere stukken’. Is dat geen gevaar voor de gedachtes achter de wet?
‘Het indienen van een ouderschapsplan is verplicht. Alleen als ouders echt niet tot overeenstemming kunnen komen, kan hiervan worden afgeweken. Maar dan moet er wel een concrete aanwijsbare reden zijn waarom dit niet is gelukt. In de toelichting op de wet, en daar zullen rechters zeker rekening mee houden, staat heel nadrukkelijk dat het ontbreken van een ouderschapsplan niet te snel moet worden geaccepteerd.’
Wat zijn de consequenties als ouders zich niet aan het ouderschapsplan houden?
‘Het ouderschapsplan helpt ouders om te communiceren en afspraken te maken. En als de situatie verandert, biedt het ook een kader om afspraken gezamenlijk aan te passen. De bedoeling van het ouderschapsplan is om het ontstaan van conflictsituaties, en de schadelijke gevolgen daarvan voor kinderen, te verminderen. Als er toch een conflict ontstaat en een van de ouders de afspraken niet nakomt, kan aan de rechter worden gevraagd dwangmiddelen zoals een dwangsom op te leggen.’
Wat doet het kabinet om de invoering van de nieuwe wet zo goed mogelijk te laten verlopen?
‘Deze wet laat zien dat er maatschappelijk iets is veranderd in de manier waarop er wordt nagedacht over scheiden. Er is een einde gekomen aan het fenomeen ‘flitsscheiding’ en de belangen van de kinderen hebben een centrale rol gekregen. Er is meer aandacht voor de sociale aspecten, naast de juridische. Die verandering is ook zichtbaar in de overheidsvoorlichting op dit terrein, zoals in de nieuwe brochure van mijn programmaministerie ‘Uit elkaar… en de kinderen dan?’. Daarin staat bijvoorbeeld beschreven hoe je met je kinderen kunt praten over een scheiding. En bij wie je daarover meer advies kunt vragen, zoals bij een mediator, maatschappelijk werker of via het Centrum voor Jeugd en Gezin. Ik hoop dat de overheid daarmee houvast en heldere informatie kan bieden aan ouders in een periode van hun leven die vaak heel emotioneel is.’
Testamentaire voogdij
Iedere ouder kan in zijn testament één of twee personen als voogd aanwijzen. Vooraf overleg met de personen die je als voogd op het oog hebt, lijkt niet meer dan vanzelfsprekend: na het overlijden van de ouder kan de aangewezen voogd de benoeming immers aanvaarden óf afwijzen.
Voogdij
Wat betekent voogdij eigenlijk? Voogdij is het gezag over een minderjarig kind dat niet door de ouders wordt uitgeoefend, maar door iemand anders. Als wettelijke vertegenwoordiger ben je dan verantwoordelijk voor de verzorging en opvoeding van een kind. Om de testamentaire voogdij officieel te regelen, moet je naar de notaris om in een testament een voogd te benoemen. Ouders die gezamenlijk het gezag hebben kunnen in hun testament een voogd benoemen. Dit heeft echter geen gevolg als na de dood van een ouder, de andere ouder met gezag nog leeft.
Gezag
Ook een ouder die alléén het gezag over een kind heeft, kan een voogd benoemen. Mocht deze ouder overlijden dan kan de andere ouder na het overlijden wel bij de rechter een verzoek indienen om met het gezag te worden belast. Dat houdt in dat de ouder zonder gezag graag de wettelijke vertegenwoordiger van het kind of de kinderen wordt. Als de voogd zijn benoeming nog niet aanvaard heeft dan mag de rechter dit verzoek alleen afwijzen als de belangen van het kind gevaar lopen. Dit geldt bijvoorbeeld als er geen band is tussen die ouder en het kind. Als de voogd zijn benoeming al wel heeft aanvaard dan moet de andere ouder binnen een jaar na de aanvang van de voogdij hiertoe een verzoek doen. Ook in deze situatie mag de rechter dit verzoek voor het gezag alleen afwijzen als de belangen van het kind in het geding komen.
Ook in Nederland kan er dus, net zoals na het overlijden van Michael Jackson, een strijd over de voogdij losbarsten. Wil je die onzekerheid voorkomen en wil je graag aangeven wie er voor je kind(eren) moet zorgen als jij er niet meer bent, dan leg je de voogdij vast in een testament. Net als Michael Jackson.













